CE-markering

Ben je op zoek naar een sloep of tender? Expeditie SLOEP! helpt je graag in je speurtocht. Daarom geven we je informatie over dit bijzondere boottype. In dit deel meer over de door de overheid verplichte CE-markering en CIN-code.

Pleziervaartuigen die in Nederland in de handel worden gebracht, moeten voldoen
aan bepaalde regels en voorschriften voor de constructie en uitrusting. Deze staan in Richtlijn 94/25/EG van het Europees Parlement en de Raad. Nederland heeft deze richtlijn opgenomen in de Wet Pleziervaartuigen die sinds 1 januari 1997 van kracht is. CE staat hierbij voor Conformité Européenne, wat zoveel betekent als in overeenstemming met de Europese regelgeving.

Sinds juni 1998 moeten nieuwe pleziervaartuigen met een lengte tussen de 2.5 en 24 meter voldoen aan de eisen van de Wet Pleziervaartuigen. Deze wet geeft verplichtingen voor bouwers en importeurs van de pleziervaartuigen op het gebied van de veiligheid. Alleen een schip dat volgens de Europese veiligheidsnormen is gebouwd, voldoet aan de eisen en mag worden gemerkt met een CE-markering.

Eisen van deze wet

Een pleziervaartuig dat aan de eisen van de Wet Pleziervaartuigen voldoet is te herkennen aan:

  • Een bouwerplaatje met de CE-markering, aangebracht op een zichtbare plaats vanaf de stuurstand;
  • De CIN-code (Craft Identification Number), die aan stuurboordzijde op de spiegel van het vaartuig moet zijn aangebracht. Een duplicaat CIN moet op een verborgen plek in het interieur zijn aangebracht;
  • De gebruikershandleiding die bij het vaartuig geleverd wordt;
  • Een verklaring van overeenstemming (certificaat) die bij het vaartuig geleverd moet worden.

Bouwersplaatje met CE-markering

Het bouwersplaatje (met de CE-markering) is dus niet hetzelfde als het plaatje met de CIN-code (Craft Identification Number). Het plaatje van de bouwer bevat:

  • CE-markering,
  • model/type
  • aanbevolen maximale belasting volgens de fabrikant,
  • aanbevolen aantal personen volgens de fabrikant,
  • naam van de fabrikant.

CIN-code

In de Richtlijn Pleziervaartuigen staat in artikel 2.1 de verplichting de scheepsromp te identificeren. Deze code wordt door de fabrikant aangebracht. Op ieder vaartuig moet een rompidentificatienummer zijn aangebracht dat de volgende gegevens omvat.

Het nummer bestaat uit 14 opvolgende nummers;

  • landelijke onderscheiding door de toevoeging NL (2 letters),
  • fabriekscode ( 3 letters),
  • serienummer (5 letters/cijfers),
  • productiemaand (1 letter),
  • productiejaar (1 cijfer),
  • modeljaar (2 cijfers).

Fabriekscode
De fabriekscode is uniek per fabrikant binnen Nederland, er is een centrale registratie die voorkomt dat er dubbele codes voorkomen. Verantwoordelijk voor de codes is het Directoriaat Generaal Goederenvervoer (DGG). Toekenning van de codes ligt in handen van de HISWA.

Serienummer
Het serienummer mag zowel letters als cijfers bevatten. Geen I, O en Q.

Productiemaand
Januari – code A
Februari – code B
Maart – code C
April – code D
Mei – code E
Juni – code F
Juli – code G
Augustus – code H
September – code I
Oktober – code J
November – code K
December – code L

Productiejaar
Het productiejaar wordt aangegeven door het laatste getal van het productiejaar.

Modeljaar
Het modeljaar wordt aangegeven door de laatste twee getallen van het betreffende jaar. Het modeljaar is een periode van 12 maanden waarin dit type sloep/tender bedoeld is voor de verkoop. Een sloep/tender die in een bepaald modeljaar wordt ingedeeld kan in een voorgaand jaar zijn gebouwd.

Categorieën

De Wet Pleziervaartuigen verdeelt vaartuigen in vier categorieën (A,B,C en D), waarbij niet het vaargebied maar de vaaromstandigheden (in termen van windkracht en golfhoogte zijn gedefinieerd:

A: Geschikt voor lange reizen waarbij de windkracht meer dan 8 op de schaal van Beaufort kan bedragen en de golfhoogte meer dan 4 meter kan zijn zonder dat het schip daardoor in de problemen kan komen.

B: – Reizen onder omstandigheden tot windkracht 8 op de schaal van Beaufort en een golfhoogte van maximaal 4 meter.

C: – Varen onder meer beschutte omstandigheden met wind tot windkracht 6 op de schaal van Beaufort en een golfhoogte van maximaal 2 meter.

D: – Varen in omstandigheden tot en met windkracht 4 op de schaal van Beaufort en een golfhoogte van zo’n 0.3 tot 0.5 meter.

Het noemen van een specifiek vaargebied (in de genoemde categorieën) is riskant, omdat de omstandigheden op beschutte wateren zoals de Vinkeveense Plassen wel eens zwaarder kunnen zijn dan bijvoorbeeld windkracht 8. Onder die omstandigheden kun je alleen het water op met een boot die CE-ontwerpcategorie A is gecertificeerd.

Daemes en Heeren

Expeditie Sloep is een initiatief van Daemes & Heeren die je ook kunt bezoeken tijdens de HISWA Amsterdam Boat Show, bij uitstek de plek om je nieuwe sloep/tender te vinden. Meer watersporttips vind je hier. Online zoeken naar een nieuwe sloep of tender kan natuurlijk ook op Botentekoop.nl.